Sententie van den Hove van Hollandt, aengaende het Recht van Keuren te maecken.

    In der sake hangende voor den Hove van Hollant, tusschen Schepenen ende Regeerders van Limmen, Castricum, Uitgeest, Aeckersloot, Heyloo, ende Oesdom, al onder Kennemer-landt gheleghen, Impetranten in cas d appel, ende van Requeste civile ter eenre, ende Gerrit van Berckenrode, Bailliu van Kennemer-landt Ghedaeghde ende Gherequireerde, midtsgaders den Procureur Generael uytten name ende van wegen de hooge Overigheyt ende Graeffelijckheydt van Hollandt, met hem gevoeght ter andere zijden:

    Allegeren de Impetranten, dat sy-luyden elcks in de heure in immemoriale possessie, vel quasi, waren van jurisdictie te exerceren over de voorsz Ambachten van alle saken d Ambachts-heerlijckheydt aengaende, ende daer van dependerende, in heur-luyder respective Ambachten vallende: ende over sulcks macht ende authoriteyt hadden van kennisse van de selve saken te nemen berichtinghe ende judicature te doen.

    Consequentelijck over de selve saecken Keuren ende Ordonnantien te maken: midts oock daer op stellende sulcke boeten, als daer toe stonden ende behoorden naer ghelegentheyt der saken, tot twee-en-veertigh Kennemer schellingen toe ende daer onder. Ende van sulcks te doen, waren sy Impetranten elcks in heur bedrif de naeste thien, twintig, dertig, veertig, vijftig, tsestig jaren, ende soo langhe memorie van menschen konden bedencken in deughdelijcke possessie, vel quasi, gheweest, ten aensien van eenen yeghelijcken, hebbende de selve heure possessie, vel quasi, met alle behoorlijcke middelen voor-ghestaen, ende alle pretense usurpatien van Bailliuwen van Kennemer-landt in dier tijdt af-gheweert.

    Dat, hoewel den Ghedaeghde alhier anders geen jurisdictie en competeerde, dan van criminele saken, het lijf oft lidt aengaende, maer oock van andere delicten oft forfaicten, daer civile boeten oft breucken toe-stonden, dan tot thien Kennemer ponden, ende daer boven.

    Waer mede als mette boeten van thien ponden ende daer boven, de Hooft-Bailliuwen in Noordt-Hollandt, Kennemer-landt, ende den bedrijve van dien, hun laten ende moeten contenteren. Ende midts dien den Ghedaeghde ende sijn Leen-mannen niet gheoorloft en was yet te attenteren in prejuditie van heur Impetranten Gherechtigheyt, Jurisdictie, oude ende immemoriele possessie vel quasi, sulcks als vooren.

    t Hadde hen-luyden nochtans belieft te maken sekere Keure ende Ordonnantie van vijf-ende-twintig verscheyden poincten ende articulen, concernerende de middele ende lage Jurisdictie, hen Impetranten competerende, ende de selve te houden aen hen Impetranten, omme binnen de voorsz Dorpen gepubliceert te werden: dan ghemerckt sy Impetranten selfs in possessie immemoriael, over alle de saken in de voorsz Keure verhaelt (uytgheseyt het gunt concerneerde de Houtvesterye) selfs te statueren, ende den breuckingen te doen causeren, by haer-luyder Schouten, met een boete van twee-ende-veertigh schellinghen.

    Soo hadden sy bevonden, dat de voorsz pretense Keure daer toe in het generael streckte, ten eynde hen-luyden de kennisse der saecken aldaer verhaelt, soude werden ontrocken: ende dat in regard van dien, aldaer over al hoger boeten ghestatueert waren als van 42 schellingen; behalven dat het thiende, veerthiende, vijfthiende, een-en-twintighste, vier-en twintighste, ende vijf-en-twintigste articulen van de voorsz Keure klaerlick strijdende waren teghens haer Impetranten Octroy, verkreghen van den Grave van Hollant, by advijs van desen Hove, ende den Bailliu van Kennemer-landt in der tijdt daer op ghehoort, in date den vier-en-twintigsten Martij, anno vijfthien hondert een-en-tsestigh (1561).

    Midts welcken hadden sy Impetranten in de voorsz qualite gheweyghert, de voorsz publicatie te doen, ende hen selven tot consernatie van heur-luyder gherechtigheyt, soo in Keuren te maken, als in het executeren van dien, in seken specterende tot heur-lieder Jurisdictie gheopposeert jegens de voorsz Keure: ende daer op dingh-plichtigh gheworden zijnde metten voorsz Bailliu voor Leen-mannen voorsz was in de sake aldaer soo verre geprocedeert gheweest, dat opten neghenden Mey vijfthien hondert neghen-en-tachtigh (1589), gewesen waer seker vonnisse, innehoudende, dat sy Impetranten hen qualijcken gheopposeert souden hebben, ende dat de voorsz Keure geapprobeert werde.

    Waer voor sy Impetranten hen selven bevindende grootelijcks beswaert te zijn.

    Hadden hen selven daer van binnen behoorlijcken tijde gheconstitueert appellanten aen desen Hove:

    Ende op den naest-lesten Mey, anno vijfthien hondert neghen-en-tachtigh (1589) voorsz, gheimpetreert mandament in cas d appel, in communi forma, ende uyt krachte van dien, den Ghedaeghde ghedaen daghvaerden tot sekeren daghe voor desen Hove, concluderende ten dage dienende in appel, tot nullite oft correctie van het voorsz vonnisse in questie: ende doende recht, dat verklaert soude werden, den Bailliu ende Leen-mannen van Kennemer-landt geen Recht te competeren, om in eenighen saken concernerende middele ende laghe Jurisdictie, te maken eenige Keuren oft Ordonnantien, in prejuditie van den ghenen, die welcke over de voorsz Dorpen respective, oft eenige van dien, competeerde de Ambachts-heerlijckheydt, midtsgaders van de Schout ende Schepenen der selver Dorpen: ende dat over sulcks die Keure ende Ordonnantie in haer Impetranten voorsz mandament ghementioneert, verklaert soude werden te wesen nul, negeen ende van onwaerden, ende by den Hove te niete gedaen: ende dat den Ghedaeghde gheinterdiceert soude werden ghelijcke Keuren meer te maken oft doen maken, ende publiceren, ende dat d Impetranten verklaert souden werden hen daer teghens, ende teghens de gecommineerde publicatie van dien wel ende te recht geopposeert te hebben.

    Ende oft hen Impetranten de voorsz conclusie, sulcks als die hier voren genomen es in het gheheel, niet volgen en mochte: dat in sulcken ghevalle het voorsz vonnisse mede te niete ghedaen, ende die voorsz Keure sulcks als die leydt gheannulleert, oft ten minsten in naer-volghende manieren, ghealtereert soude werden, te weten, dat de boeten in het eerste/ tweede, ende derde Articulen van de voorsz Keure begroot op thien Kennemer ponden, ses-en-twintig stuyvers voor elck pondt gherekent, ghemindert soude werden op ander half Kennemer pondt, of ten hooghsten op twee-en-veertigh stuyvers:

    ende dat by het voorsz derde articule ghevoeght soude werden de clausule, ten ware de Waerden ende Waerdinnen bereydt waren te verklaren by eede, dat sy de namen ende woonplaetse van de gasten in het selve articule ghementioneert, niet en kenden, ende dat sy-luyden in dien gevalle van de nominatie van de selve gasten, midtsgaders van de voorsz boeten souden wesen ge-eximeert.

    Item, dat die boeten op twee Kennemer ponden, begroot in het vierde articule van de voorsz Keure gemindert souden werden op een half Kennemer pondt.

    Dat de boeten van drie Kennemer ponden, verhaelt in het vijfde articule, op een der selver ponden ghemindert souden werden:

    ende dat de boeten gementioneert, in het seste, sevende, ende achtste articule van de selve Keure, op ander half Kennemer pont, oft ten hooghsten op twee-en-veertig stuyvers gemodereert souden werden: ende dat alle de voorsz boeten, ghemindert als vooren, souden komen ten profijte van den hooghen ende laghen Officier, die over de saecken in alle de voorsz articulen respective, verhaelt by preventie die boet-schuldigen, eerst gedaen citeren soude hebben.

    Item, dat het thiende articule van de voorsz Keure, sulcks als het selve leydt, geroyeert soude werden, behoudelijck, dat de schade, die yemandt by een anders Hondt soude werden aenghedaen, soude gheboet werden, sulcks als naer ouder costume, onvermindert het Recht van de Houtvesterye.

    Ende dat de boeten van het elfde articule, begroot op thien ponden, op twee-en-veertigh stuyvers gemindert, ende verklaert soude werden, anders geen plaets te hebben: als teghens den genen die in menighte appelen en rapen plucken, midtsgaders teghens de andere breuckighen aldaer verhaelt, onvermindert partyen gheinteresseerden haer actie van schaden ende interesten, ende anders.

    Item, dat het veerthiende artijckel van de Keure gheroyeert, oft ten minsten gealteert, oft verklaert soude werden hen Impetranten ende andere Buurluyden der voorsz Dorpen gheoorloft te zijn, te mogen modderen in de Meyren ende ghemeene Wateren: ende alleen verboden te modderen in de wateren, particuliere Eyghenaers toe-komende, opte boete van twee-en-veertigh stuyvers.

    Item, dat het vijfthiende articule insghelijcks gheroyeert ende verklaert soude werden, dat sy Impetranten ende Inwoonders van de voorsz Dorpen, souden moghen volstaen, midts hen selven regulerende nae de Placcaten op het stuck van de voor-koopen ghe-emaneert.

    Item, dat de boeten gementioneert, in het sesthiende articule respectivelijck gemodereert souden werden, op ander half ende op een Kennemer pondt:

    Ende dat soo het voorsz seventhiende ende achthiende articule gelimiteert soude werden, totten ghenen die by anderen gequetst werden:

    dat het negenthiende articule der voorschreven Keure, gelimiteert soude werden, totten genen die de Malefacteurs aldaer gementioneert, logeren, ofte verstecken, oft metten selven dagelijcks omme gingen, eten ende drincken.

    Item, dat die boeten van het twintighste articule op twee-en-veertigh stuyvers ghemodereert, ende daer van ghe-exenseert souden werden, die gene die binnen drie Maenden nae hare aenkomste, doceren souden, als in het selve articule, oft binnen de selve drie Maenden weder vertrecken souden.

    Item, dat het een-en-twintighste articule mede gheroyeert, ende een yder soude toe-gelaten werden te vertrecken, sonder yet te verbeuren, midts betalende sijn Exue, ter plaetse daer men gewoon was Exue te betalen.

    Item, dat het drie-en-twintighste articule soude ghelimiteert werden, met die gene die in on-echte datelijck converseren.

    Item, dat het vier-en-twintigste insgelijcks geroyeert ende verklaert soude werden, dat, nopende het beschouwen van verdroncken oft andere ghedoode Lichamen, den Bailliu van Kennemer-landt in der tijdt ghehouden soude werden, hem selven te reguleren naer het eerste articule van den Octroye ende Hantvesten van Kennemer-landt.

    Ende voorts verklaert, dat het vervoeren der voorsz doode Lichamen ghestraft souden werden civilijck, oft crimminelijck nae der sake gelegentheydt.

    Item, dat het vijf-en-twintighste ende leste articule, insghelijcks soude werden geroyeert, ende in de plaetse van dien verklaert, dat niemandt hen vervordere op Sondagen, Hooghtijden ende Bede-daghen eenigh uytterlijck werck te doen, soo binnen als buytens huys, sonder te hebben consent van den Schout van de Plecke, volgende de voorsz Hantvetsen.

    Ende dat voorts generalijck verklaert soude werden, dat alle die boeten in de voorsz gheheele Ordonnantie excederende twee-en-veertigh stuyvers, oft daer op te minderen of modereren, verklaert souden werden te competeren den Schout van der Plecke, oft den Bailliu van Kennemer-landt, die by preventie de breuckighen eerst gheciteert souden hebben.

    Ende dat den voorsz Bailliu in der tijdt, in het executeren van de selve boeten ghehouden soude wesen, hem te reguleren nae het vierde articule van de voorsz Hantvesten, makende eusch van kosten, ofte tot anderen sijnen ende conclusien, hen Impetranten oorbaerlijckst zijnde.

    Waer jegens van weghen de voornoemde Ghedaeghde gheallegeert is gheweest, dat den Bailliuwen van Kennemer-lant als Hooft-Officieren over de Dorpen ende Gehuchten onder het Bailliuschap aldaer sorterende, met Leen-mannen aldaer van allen ouden tijden t elcken Jare, oft als de ghelegentheydt des tijdts sulcks hadde vereyscht, hadden ghemaeckt ende uytghesonden hare Keuren ende Statuyten in maniere van Policye, nae de welcke den Ingesetenen van de voorsz Dorpen ende Ghehuchten, hen-luyden souden hebben te reguleren: opte peynen daer inne begrepen: welcke Ordonnantie, Keuren ende Statuyten dien-volghende in de voorsz Dorpen by den Schout ende Gerechten aldaer, werden gepubliceert, ende voor den Volcke verkondight, ten eynde niemandt daer van ignorantie en soude pretenderen.

    Ende waren die Schouten ende Schepenen van de voorsz Dorpen, ten elcken tot sekere gheprefigeerden daghe gheciteert, voor de hooghe Vyerschare van Kennemer-landt, omme de voorsz Keuren te sien approberen, oft daer teghens hare redenen van oppositie te seggen. Ende, indien de voorsz Schouten ende Schepenen hen niet en opposeerden (soo wel meest geviel) oft dat heur redenen van oppositie niet goet ghekent werden; soo werden de selve Keuren gheapprobeert ende gheconfirmeert: sulcks dat die Bailliuwen in der tijdt, altijdt dien-volghens ghe-executeert hadden de boeten, by de voorsz Keuren gestatueert, sonder contradictie van yemandt.

    Wel was waer, dat in voorleden Jaren de Schouten ende Schepenen van de Dorpen van Kennemer-landt ende Kennemer-ghevolgh, by den Grave van Hollandt, in der tijdt, by Privilegie ghegunt was, dat sy metten genen die sy daer toe nemen souden, ende anders niemandt, Keuren ende Schouwen souden mogen elck in den sijnen, van alle Sluysen, Sluys-tochten, Wateringen, Dijcken, Dammen, Inwegen ende Uitweghen, tot oorbaer des landts: Maer alsoo het selve waer ghelimiteert tot Dijcken, Sluysen, etc. ende andere Dijck-saecken, soo en moch het selve tot gheen andere saken werden ge-extendeert: in conformite van dien, soo was van ouden herkomen altijdts gheobserveert, ende waer noch in viridi observantia, dat de voorschreven Schouten in het aenvaerden oft vernieuwen van hunne Commissien, den ban van heur-luyder Jurisdictie moeten halen van de Bailliuwen: waer by haer-luyden toe-gelaten werde exercitie van lage Jurisdictie, ende eenen yeghelijcken, des aengaende Recht ende Justitie te administreren, Dijcken, Wateringen, Sluysen, Sluys-tochten, Uitweghen ende Inweghen te begaen ende te beschouwen, tot alsulcke baten, nutschap ende profijten, als daer toe behoorden; maer vorder noch anders niet.

    Hadden oock die gemeene Inwoonderen van de voorsz Dorpen, in den Jare vijfthien hondert een-en-tsestigh (1561), van den Coningh, als Grave van Hollant verworven seker Octroy, houdende eenighe poincten ende articulen, waer naer die Bailliu van Kennemer-landt in der tijdt, hem in het exerceren van sijn Jurisdictie, over de voorsz Dorpen soude hebben te reguleren: maer werde hen-luyden gheen authoriteyt oft consent gegeven, van selfs eenighe Keuren te maken, oft eenighe middele oft hooghe Jurisdictie te execeren.

    Ende alsoo de gemeene Buren van de Dorpen van Wormer ende Gisp, mede onder het Bailliuschap van Kennemer-landt gelegen.

    In den Jare vijfthien hondert vijf-en-tsestigh (1565), by den voorsz Coningh als Grave van Hollandt was vergunt te eligeren, ende hebben de Vroetschap van twintigh goede Mannen, in plaetse van de gheheele Ghemeente te vergaderen, als men plachte: soo was hen-luyden nochtans het selve anders niet ghegunt, dan midts dat de voorsz twintigh goede mannen by den Bailliu van Kennnemer-lant in der tijdt ghekozen, ende ge-eedt souden werden, uyt veertigh persoonen, die hem by den Schout ende Schepenen van Wormer ende Gisp voorsz ghepresenteert souden werden, ende met expresse last, dat sy hen gheensins souden vervorderen te maken eenighe nieuwe Keuren ende Policien, dan daer toe sy naer Kennemer-recht, oft by den voorsz voorgaenden Octroye geprivilegeert waren: welck gebruyck van sijn Vyerschare, ende van sijn Voorsaten in officio, hy Ghedaeghde achtervolghende, hadde zedert den Jare vijfthien hondert twee-en-tseventigh (1572), dat hy tot Bailliu was gecommitteert geweest, ghemeenlijck alle Jaren, immers als het van nooden geweest was, sijne Keuren over de voorsz Dorpen uyt-gesonden, omme by de Regeerders de selve ghepubliceert, ende by den Inghesetenen onderhouden te werden: op de peynen daer inne begrepen, de selve Keuren na voorgaende citatie, oock doende approberen by sijne Vyerschare, volghende het voorsz ghebruyck, behoudelijck nochtans eenen yeghelijcken sijn Gherechtigheydt ende Privilegie:

    Ende alsoo hy Ghedaeghde in de Jaren vijfthien hondert twee-en-tachtigh (1582) ende drie-en-tachtigh (1583), over de voorsz Dorpen hadde uyt-gesonden sijne Keuren, die oock naer voorgaende citatien by vonnisse van Mannen waren gheapprobeert.

    Ende dat hy Ghedaeghde in den Jare vijfthien hondert seven-en-tachtigh (1587), overmidts de ongeregeltheyt van den Volcke, gheraden ende van noode ghevonden hadde, de selfde Keure te vernieuwen, ende van nieus over de voorsz Dorpen uyt te senden.

    Soo hadde hy de selve Keuren van nieus over de voorschreven Dorpen uyt-ghesonden, van woorde tot woorde, soo die in de Jaren twee-en-tachtigh (1582) ende drie-en-tachtigh (1583) waren uyt-gesonden, ghepubliceert ende gheapprobeert. Ten eynde de selve Keuren van nieus, by de Regeerders van de voorsz Dorpen ghepubliceert, ende by de Inghesetenen onderhouden souden werden, met citatie, indien eenighe Dorpen hen daer teghens souden willen opposeren, dat sy heure redenen van oppositie souden komen verklaren voor de hooge Vyerschare van Mannen van Leen, naer ouder gewoonte t eenen sekeren daghe: ten welcken daghe Adriaen Jans soon Gael, als Ghemachtigt van de Regeerders van de Dorpen van Aeckersloot, Limmen, Castricum, Uitgeest, ende Heyloo, dagh genomen hadde, omme te segghen het ghene hem goet duncken soude.

    Ende teghens den Noncomparanten was ghegaen deffault, ende voor het profijt van dien, waren de voorsz Keuren in haer regard gheapprobeert, behoudelijck nochtans een yeghelijck sijn gherechtigheydt ende privilegie.

    Dan was van weghen de voorsz Dorpen hen opposerende tegens de voorsz Keuren, ghedient van seker onghefundeert debath, tegens de voorsz Keuren, voor redenen vanheur oppositie, daer by sy concludeerden, dat de voorsz articulen der voorsz uyt-ghesonden Keuren, die bevonden soude werden begrepen te zijn in hare Hantvesten, Octroy, oft Privilegie, ende daer van te discreperen, oft de selve in eenigher manieren te contravenieren, in ondeughdelijckheyt ende excelsijsheydt van de breucken van dien, verklaert souden werden, nul, negeen ende van onwaerden: uytghesondert de poincten, daer inne by Placcaten ende Ordonnantien van de hooghe Overigheyt, specialijck was voorsien ende ghedisponeert.

    Ende alsoo de meninghe van hen Ghedaeghde niet gheweest was, oft noch niet en was de voorsz Dorpen te prejudiceren, oft verkorten haer Recht ende Privilegien.

    Hadde hy by sijn Contradebath gepresenteert, met advijs ende kennisse van Leen-mannen, in de voorsz Keure te doen royeren, alsulcke articulen als d Impetranten aldaer Opposanten, oft Debattanten souden konnen bewijsen haer Privilegie te contrarieren: midts de selve articulen distinctelijck ghedesigneert, ende sulcks by de Privilegien gheverifieert zijnde, het welck hy Ghedaeghde de selve Dorpen daer naer schriftelijck in juditio hadde ghepresenteert, ende de selve oresentatie oock by Missive over-ghesonden, ten eynde alle Processen ende onkosten van dien souden werden verhoet.

    Dan hadden de Regeerders van de voorsz geassocieerde ende conspirerende Dorpen, belieft, alle het selve by sekere hare Missive, ende andersins te refuseren, sulcks dat het Proces voor Mannen van Leen schriftelijck gheinstrueert, ende Recht versocht zijnde, de selve mannen van Leen recht doende, voor vonnisse verklaert hadden ten onrecht, ende qualijcken by de Impetranten aldaer gedaeghden, ende Debattanten teghens de voorsz ge-exhibeerde Keuren geopposeert te hebben: houdende daeromme de voorsz Keuren voor-geapprobeert, salvo de voorsz Opposanten privilegien met condemnatie van kosten, wesende het vonnisse in questie: By welck vonnisse, hoewel de Impetranten niet en waren beswaert, soo doch hare Privilegien in allen ghevalle salve, ende in haer gheheel bleven.

    Soo hadden hen-luyden nochtans belieft, van het selve vonnisse te appelleren aen desen Hove: doende daeromme hy Ghedaeghde presentatie, verklaerde te vreden te zijn, dat by het derde articule der voorsz Keuren, in questie ghevoeght soude werden de clausule in der Impetranten conclusie ghestelt, het welck hen-lieden niet gheweyghert soude gheweest zijn, indien sy sulcks ter eerster instantie versocht hadde, als sy niet en deden.

    Ende voorts alle de articulen van de voorsz Keuren die bevonden, ende in het particulier bewesen souden werden, der Impetranten Octroye ende Privilegie te contrarieren, in conformite van den selven Octroye ende Privilegie te contrarieren, in conformite van den selven Octroye ende Privilegie te modereren ende redresseren, soo hy Ghedaeghde oock ter voorsz eerster instantie, indirectelijcken gepresenteert hadde.

    Concluderende onder de selve presentatie, dat de voornoemde Impetranten verklaert souden werden in appel niet ontfanckelijck, ende by ordine by den vonnisse in questie approbatoir, van sijn Gedaeghdes Keuren, niet beswaert.

    Ende dat het selve vonnisse over sulcks onder de voorsz presentatie soude werden gheapprobeert: ende dat by provisie af ghedaen soude werden de clausule van inhibitie der voorsz Keure der Impetranten Octroy ende Privilegie niet concernerende.

    Makende mede eysch van kosten, midtsgaders van schade ende interesten, protesterende jeghens den Impetranten van usurpatie van Jurisdictie, ofte tot anderen sine ende conclusien, hem Ghedaeghde oorbaerlijckst zijnde: teghens welck antwoorde ende presentatie, was van weghen de Impetranten gherepliceert, ende by sekere middelen gepersisteert voor replijcque by haren voorsz eysch ende conclusie, concluderende, dat den Ghedaeghde sijn versochte provisie ontseydt soude werden: refuserende voorts de voorsz presentatie van de Ghedaeghde, als wesende te seer generael ende captieus; makende dies aengaende mede eysch van kosten, het welck hoorende den Procureur Generael van den voorsz Hove, dede segghen, dat hy bevonde het ghesustineerde van de Impetranten in verscheyden respecten te strecken, tot verminderinghe van de Hoogheyt der Graeflijckheyt van Hollandt, ende van de Jurisdictie van den Bailliu ende Leen-mannen by hen luyden, van weghen de Graeffelijckheydt ghe-exerceert, het welck niet en behoorde te werden ghenegligeert.

    Concluderende daeromme, als ghevoeghden beneffens den Ghedaeghde, dat by Sententie van den voorsz Hove, d Impetranten verklaert souden werden gheen Recht te competeren, omme in saken concernerende, de middele Jurisdictie Recht te doen, noch den Schouten gerechtight tot eenige boeten, breucken oft peynen vallende in saken, concernerende de selve Jurisdictie, uytghesondert het gene, daer sy-luyden by speciale Privilegien waren gheauthoriseert, als het keuren ende schouwen van Sluysen, Sluys-tochten, Wateringhen, Dijcken, Dammen, Inwegen ende Uytwegen, tot des landts oorbaer, ende dat dien-volgende den Impetranten ghecondemneert souden werden kosteloos ende schadeloos af te doen, casseren ende aboleren alle het ghene wes by hen-luyden verder in saecken de selve middele Jurisdictie aengaende, gepleeght soude mogen wesen.

    Ende namentlijck, de Keuren dies aengaende, by hem klam buyten consent ende weten, van de voorsz Bailliu ende Mannen ghemaeckt, ende te restitueren alle het gene wes by henluyden, oft by hare Schouten door haer toe-doen van de vorder saken was ghenoten ende ghepercipieert.

    Ende hen te wachten ende verdraghen sulcks meer te doen, ende hen d exercitie van de middele Jurisdictie, uytghesondert als vooren te onderwinden: ende boven dien, over hare ondeughdelijcke usurpatien ghecondemneert souden werden, elcks in een boete van hondert Kroonen, tot profijte van de hooghe Overigheyt.

    Ende dat oock, voor soo veel het voorsz poinct aenginck, ende het vonnisse van Leen-mannen voorsz, daer van mochte verstaen werden te disponeren, de voornoemde Appellanten verklaert souden werden in appel niet ontfanckelijcken: ende by ordine dat het selve vonnisse dies aengaende, soude werden geapprobeert, ende dat by provisie af-gedaen soude werden de clausule van inhibitie, den Impetranten verleent.

    Makende insghelijcks eysch van kosten, of tot anderen fine ende conclusien hem gevoeghde oorbaerlijckst zijnde.

    Tegens welcken eysch ende conclusie, was van weghen de voornoemde Appellanten gheallegeert gheweest, dat den selven eysch in rau actie prejudictabel was de voorsz instantie van appel, tusschen hen Impetranten ende den voornoemden Bailliu Ghedaeghde voor desen Hove hanghende.

    Ende dat in secunda instantia geen reconventie gedaen, noch rau actie teghens hen Impetranten ghecumuleert konde werden.

    Concludeerden daeromme ten fine van niet ontfanckelijck, ende tot absolutie van der instantie, ende dien onvermindert ende sonder van de voorsz exceptie te resilieren.

    Seyden sy Impetranten, dat sy-luyden in het maken van heur-lieder Keuren, ende in het berechten van de boeten ende breucken daer uyt vallende, niet anders ghedaen en hadden, als sy-luyden ende heure Voorsaten boven memorie van menschen, in ghelijcke saken altijdts gedaen hadden, ende daer van sy-luyden ende hare voorsz Voorsaten, boven memorie van menschen gheweest hadden, ende noch waren in deughdelijcke possessie: Van welcke possessie sy pendente lite niet mochten gepriveert worden, concluderende midts die by ordine dat den voorsz Gevoeghde, sijnen voorsz eysch ontseyt, ende sy Impetranten daer van gheabsolveert souden werden.

    Employerende voorts voor Replijcque, in de sake van appel, het gunt hier vooren gheseyt, ende in de versochte af-doeninghe van de clausule van inhibitie, contrarie geconcludeert was.

    Makende mede eysch van kosten als vooren, in welcke sake de voornoemde partyen, volghende den appointemente dispositijf van den voorsz Hove, tot pericule van den voorsz Ghedaeghde, op alles geschreven hebben by memorien, ende advertissementen van Rechten.

    Ende daer van mette verificatien daer toe by ghevoeght onder den voorsz Hove gedient, ende Recht versocht: maer alsoo de voornoemde Impetranten in het resumeren van den Processe bevonden hadden van noode te zijn, heur-luyder conclusie, hier vooren ghenomen, te verminderen, ende daer uyt te laten, het tweede oft alternatijf lidt van dien, ende het selve, midts den staet van den Processe niet en konde gheschieden, sonder voorgaende admissie, soo hadden sy-luyden te rade ghevonden, het selve de hooghe Overigheyt te kennen te gheven, ende te versoecken requeste civile, omme daer toe gheadmitteert te werden, ende de selve geobtineert hebbende, met committimus aen desen Hove.

    Hadden de selve binnen behoorlijcken tijde ghepresenteert: ende by de middelen daer inne verhaelt, gheconcludeert ten intermente van dien, naer hare forme ende inhouden: ende onder beneficie van de selve requeste civile, diminuerende heur-luyder voorgaende conclusie, concludeerden by de middelen van heur-luyder mandament, ende anderen in tijden ende wijlen te deduceren in appel, tot nullite oft correctie van het vonnisse van Leen-mannen van Kennemer-landt voorsz in questie, in date den neghenden dagh in Meye, anno vijfthien hondert neghen-en-tachtigh (1589), ende doende recht, dat verklaert soude werden den Bailliu ende Leen-mannen voorsz, gheen Recht te hebben, om in eenighe saken concernerende de middele oft laghe Jurisdictie te maken eenige Keuren oft Ordonnantien, in prejuditie van den genen, welcke over de voorsz Dorpen respective, oft eenighe van dien competeren die ambachts-heerlijckheydt, midtsgaders van den Schout ende Schepenen der selver Dorpen, ende dat over sulcks de Keuren ende Ordonnantien in haer Impetarnten mandament ghementioneert, verklaert souden werden nul, negeen ende van onwaerden, ende by den voorsz Hove te niet ghedaen.

    Ende dat den Ghedaeghde geinterdiceert soude werden ghelijcke Keuren meer te maken, oft doen maken, ende publiceren, ende dat sy Impetarnten verklaert souden werden hen daer jeghens, ende jeghens de gecommineerde publicatie van dien wel ende te recht gheopposeert te hebben, makende eysch van kosten, oft tot anderenfinen ende conclusien hen Impetarnten oorbaerlijckst zijnde.

    Waer jeghens van weghen den voornoemden Ghedaeghde ende Gherequireerde gheantwoort, ende by sekere middelen gheconcludeert zijnde, tot rejectie van de voorsz requeste civile, ende dat de selve als incivijl verklaert soude werdenniet interinabel; makende mede eysch van kosten van dien incidente, waren ter ordonnantie van den voorsz Hove van dier dingh-talen Acten ghemaeckt, ende metten voorsz Requeste civile ghevoeght by den voorsz Processe, omme in het visiteren van dien daer op sulck regard genomen te werden, als behoorden soude: ende het Proces by den voorsz Hove gesien zijnde, was het selve bevonden niet te wesen in state, omme ten principale te moghen termineren:

    Ende daeromme by Sententie interlocutoirgeordonneert, dat de voornoemde partyen binnen veerthien daghen, doen eerst komende, compareren souden voor seker Commissaris daer toe gedeputeert, die hen-luyden vereenigen soude, waer het doenlijck, indien niet, te openen sekere difficulteyten in den Processe bevonden, van heur-luyder ghealligeerde, te maecken Proces verbael, hem informeren, waer het noodt, ende den voorsz Hove van alles rapport te doen, omme het selve ghesien, voorts ghedisponeert te werden als nae behooren.

    Verklarende nopende de provisie by den Ghedaeghde ende Ghevoeghde versocht, dat de Keuren in questie, by provisie haer effect souden sorteren, soo veel aengingh de poincten ende articulen van dien, niet contrarierende het Octroy by den dorpen van Kennemer-landt ende Kennemer-ghevolgh, in den Jare vijfthien hondert een-en-tsestigh (1561) van de Coningh van Spangien geobtineert, midts dat de boeten ende breucken in de selve Keuren begrepen, niet hoogher oft anders werden ghe-executeert, dat, volghende het selve Octroy met reservatie van kosten, ten uyt-eynde toe van de principale sake, volghende welcke interlocutoire de voornoemde partyen voor den voorsz Commissaris ghecompareert, ende niet veraccordeert zijnde, waren hen-luyden gheopent de voorsz difficulteyten; ende hadde die voorsz Commissaris hem daer op gheinformeert, sijne informatie gheredigeert by geschrifte, ende den voorschreven Hove van alles rapport ghedaen.

    t Voorsz Hof ghehoort het rapport, van den voorsz Commissaris, ende met rijpe deliberatie van Rade door ghesien ende overghewoghen hebbende, alle het ghene ter materie dienende es, doende recht in den name ende van wegen de hooghe Overigheydt ende Graeffelijckheydt van Hollandt, Zeelandt ende Vrieslandt, rejecteert de Requestie Civile by de Impetranten van de hooghe Overigheyt gheobtineert: verklaert hen tot heur-lieder eysch ende conclusie van nieus in dese instantie Gedaegde ende ghenomen niet ontfanckelijcken, doet te niet het vonnis in questie, ende doende van nieus Recht.

    Verklaert de Keure, daer inne gheroert, nul, ende van onwaerden, ende den Impetranten gherechtight, omme ten overstaen van heur-luyder Ambachts-heeren oft Schouten, ende eenige van de ghequalificeerste Gheburen, selfs Keuren te mogen maken, van de saken in de selve Keuren begrepen, uytghesondert het neghende, twaelfde, derthiende, vijfthiende, seventhiende, negenthiende, twee-en-twintighste, drie-en-twintighste ende vier-en-twintighste Articulen van dien, welverstaende mede, dat heur-luyder boeten niet en sullen moghen excederen, de somma van twee-en veertigh Kennemer schellinghen.

    Ontseyt den Gevoeghde sijnen eysch ende conclusie in desen ghedaen ende genomen, ende compenseert de kosten van den Processe omme redenen, den voorsz Hove daer toe moverende.

    Gedaen in den Hage, by Mr. Gerard van Wingaerden, Heere van Benthuysen, Ambachts-Heer van Soetermeyr President, Nicolaes van Valckesteyn, Frederick Verhorst, Nicolaes Cromholt, Adriaen van der Meer, Adriaen Iunius, ende Pieter Couwenburgh van Belois, Raedts-luyden van Hollandt.

    Ende ghepronuncieert den twee-en-twintighsten September, anno vijfthien hondert seven-en-tneghentigh (1597)

Duplicata.

J. de Wirte. 1535 (???).

_________________________________________________________________________________

2002  D Wintersteijn, Krommenie

Deze pagina is onderdeel van de homepage van: D Wintersteijn